praktijk voor natuurlijk genezen

menu
Auteursrecht: bowie15 / 123RF Stockfoto

Tips: Communiceren met mensen met autisme

Mensen met vormen van autisme (ASS, Asperger, PDD-nos) communiceren anders. Daardoor kunnen ze moeite hebben met sociale situaties. Ook thuis en op het werk. Soms weten ze niet goed wat er van ze verwacht wordt. Ze vinden uitleg vaak onduidelijk en kunnen daarom dus niet doen wat je van ze verwacht. Heb je te maken met mensen met ASS? Hier een paar tips.

 

  • Ten eerste: Iedereen met autisme is anders! Net als bij mensen die geen autisme hebben. Dus wat ik hier onder schrijf geldt niet voor iedereen met autisme.
  • Wees duidelijk. Kort en bondig. Gebruik geen wollige taal of vage begrippen. En voor iemand met ASS is het al heel snel vaag of wollig.
  • Mensen met autisme nemen dingen vaak letterlijk. Dus wees concreet. Vijf minuten is vijf minuten en geen dertig. Een uurtje koffiedrinken is niet een halve middag.
  • Zeg gewoon wat je van ze verwacht. Geef korte en duidelijk opdrachten. Ja iedere keer weer want de volgende keer weten ze het nog steeds niet.
  • Zeg wat je van ze verwacht. “Ik zou het fijn vinden als je nu een arm om me heen zou slaan”.
  • Mensen met autisme kunnen vaak moeilijk emoties van anderen interpreteren. Dus zeg gewoon hoe je je voelt. “Ik ben nu boos dus laat me maar even met rust”. Of… “Ik ben nu boos, ik wil dat je me helpt”.
  • En ja, mensen met autisme nemen dingen vaak letterlijk. Dus als je vraagt “Is je moeder thuis”, dan is het antwoord “ja”. En verder gebeurt er niets.
  • Kun je de poort open doen? Ja. Maar als je wilt dat hij het ook dóét, moet je dat er bij zeggen.

 

Een voorbeeld van hoe communiceren met iemand met autisme kan gaan, lees je hier: Koken met Asperger.

Deze website gebruikt cookies voor de registratie van statistieken: Verberg deze melding

naar boven